Huiselijk geweldverdachte krijgt aanklaagster mee, maar wordt tóch veroordeeld


Geplaatst in: Leidsch Dagblad      journalist: Frederique Rijneveen

RIJNSBURG (05 januari 2022)- Een van huiselijk geweld verdachte Rijnsburger (45) kreeg woensdag bij de Haagse rechtbank steun uit onverwachte hoek. Het OM dat hem voor de rechter had gesleept, vroeg zelf om vrijspraak omdat er uiteindelijk onvoldoende bewijs zou zijn. Het mocht de ontkennende Rijnsburger niet baten: de rechter vond tóch bewezen dat de man diens eveneens Rijnsburgse ex-vriendin een klap had gegeven en veroordeelde hem tot...

...twee dagen celstraf en twee weken voorwaardelijke gevangenisstraf.

De officier van justitie was ervan overtuigd dat er in de nacht van 16 op 17 december 2019 er 'iets' was gebeurd tussen het slachtoffer en de Rijsnburger, maar ze was er niet van overtuigd dat het Van R. was die de mishandeling had gepleegd. Volgens de aanklaagster had het slachtoffer namelijk ook gedoe met een ánder ex-vriendje, dat zou zijn gebleken uit haar whatsappverkeer. ,,Ik twijfel daardoor wie het letsel heeft aangebracht’’, alus de aanklaagster.

De rechter vond echter dat er genoeg bewijs voor was dat wél Van R. was die haar die nacht heeft geslagen. ,,Het was een vérse wond''. De verdachte beweerde dat er uberhaupt niks was voorgevallen tussen hem en zijn ex. Hij ging bij haar woning in Rijnsburg langs om zijn spullen op te halen. De twee waren net uit elkaar. Hij zou zijn tassen die voor de deur lagen hebben gepakt en zijn weggegaan. Maar zijn ex beweerde anders.

Ze verklaarde dat Van R. even voor vieren s' nachts opeens in haar woning stond en dat hij gelijk ruzie begon te maken toen ze de woonkamer inliep. Hij zou haar hebben beetgepakt, tegen de muur hebben gesmeten en haar mond hard hebben dichtgeknepen. Toen hij even niet oplette, zou ze bij de buren op de deur hebben gebonkt. Daar was Van R. volgens het slachtoffer niet van gediend waarna hij haar een klap tegen haar kin zou hebben verkocht.

,,Daar is niets van waar. Ik heb haar geen vlieg kwaad gedaan’’, zei de verdachte daar zelf over. ,,Ze heeft me zelf via de intercom binnengelaten. Ik heb mijn spullen gepakt en ben weggegaan.’’ De rechter vroeg zich af waarom er dan allemaal kapot glaswerk op de grond lag. ,,Het was al een rommel in huis toen ik eerder bij haar was’’, verklaarde Van R.

De aanklaagster vond het vreemd dat hij beweerde die nacht niet binnen te zijn geweest. Uit Whatsappgesprekken blijkt dat Van R. al even na middennacht een berichtje stuurde dat zijn ex de deur open moest doen. Rond 01.30 uur stuurde hij nog een appje dat hij zijn werkkleding kwam ophalen. En om 03.00 uur zei zijn ex dat de spullen klaarstonden in het washok en dat hij met zijn sleutel naar binnen kon. Verdachte: ,,Daar weet ik niks meer van. Maar ik had geen sleutel meer.’’

Toch vond de aanklaagster dat er te weinig bewijs was een straf tegen Van R. te eisen. ,,Ik vind het een raar verhaal in combinatie met de berichtjes. Maar ik kan u niet aanwijzen als de dader.’’ In tegenstelling dus tot de rechter die hem een celstraf oplegde. Omdat Van R. al twee dagen in voorarrest heeft gezeten, hoeft hij de opgelegde twee dagen onvoorwaardelijke celstraf niet werkelijk meer uit te zitten. De Rijnsburger werd aanvankelijk ook nog verweten dat hij zijn ex-vriendin ook nog had aan de haren over de grond had gesleept, had geschopt en tegen de muur geduwd. Maar daarvoor was de rechter het wel eens met de de aanklaagster dat er te weinig bewijs was. 

Meer informatie: https://www.ad.nl/delft/steekpartijverdachte-beschuldigt-rechters-van-racisme-ik-word-vastgehouden-omdat-ik-zwart-ben~af0f09dee/


terug naar home      |      naar berichten Haagse rechtbank